Logo Contactlensinside
ContactlensInside - Editie 3/2022

Orthokeratologisch

Inside topografie


In 2002 werden orthokeratologie-lenzen in Nederland geïntroduceerd voor het corrigeren van myopie als vervanging van een bril of het overdag dragen van contactlenzen. Dit ingenieuze ontwerp maakte het mogelijk om de cornea, onder gecontroleerde omstandigheden, af te vlakken. De applanatiezone die hierdoor ontstaat is met name het gevolg van compressie, het samendrukken van de centraal liggende epitheelcellen en zorgt voor een afname van de benodigde minsterkte om het brandpunt op het netvlies te krijgen in plaats van ervoor. Met de ontdekking en doorontwikkeling van orthokeratologie-lenzen werd er veel onderzoek gedaan naar de werking en de veiligheid ervan. Hieruit bleek dat ortho-k lenzen de cornea niet terugbrengen naar een sferische vorm, maar dat centraal meer sterkte wordt gecorrigeerd dan in de periferie; je zou kunnen stellen dat hierdoor een soort multifocaal verlopende cornea ontstaat. Bij hogere correcties is dit effect goed zichtbaar in het snellere verloop van de applanatiezone (afbeelding 1).

Bijkomend voordeel voor beginnende presbyopen is dat de leesbril later nodig is dan bij ander types enkelvoudige contactlenzen. Er zijn corneatopografen die middels de SRI index (Surface Regularity Index) een indicatie geven van de onregelmatigheid van de cornea ter plaatse van de pupil, binnen een gebied van ongeveer 4,5 mm. Een perfect regulaire corneavorm zal een SRI-waarde van 0 hebben. SRI-waarden lager dan 0,56 dpt worden vaak als normaal beschouwd, een waarde hoger dan 0,56 dpt duidt doorgaans op centraal onregelmatige corneavormen. In afbeelding 2 wordt bevestigd dat het effect van ortho-k een toename geeft van de centrale onregelmatigheid. Dit wordt veroorzaakt doordat het effect van ortho-k zich juist binnen dat centrale gebied van 4,5 mm afspeelt.


Opvallend is dat een hogere sterkteverandering een hogere SRI-waarde geeft (afbeelding 1). Het corrigeren van een refractie van -4,00 dpt door middel van ortho-K geeft een SRI-waarde van 1,97 dpt, terwijl een correctie van -1,00 dpt een SRI-waarde krijgt toegekend van 0,65 dpt. Studies wijzen uit dat het corrigeren van hogere sterktes bij ortho-k een effectievere myopie controle geeft dan de correctie van lagere sterktes. Bij het corrigeren van hogere beginrefracties door middel van ortho-k is een hogere SRI-waarde wellicht een interessant gegeven, en mogelijk een nuttige indicator.

 

We weten dat de vorm van de cornea medebepalend is voor de locatie van het brandpunt op het netvlies. Bij ortho-k wordt het optimale brandpunt centraal aangeboden (afbeelding 3), zodat de cliënt in de verte scherp kan zien. We beschreven al eerder dat de cornea een soort multifocale vorm aanneemt nadat ortho-K is gepleegd. Dit betekent dat de brandpunten in de periferie van het netvlies meer naar voren liggen. De wetenschap heeft aangetoond dat deze defocus de toename van myopie bij kinderen kan remmen; het perifere netvlies wordt op deze manier immers minder geprikkeld om door te groeien, waardoor de progressie van de aslengte van het oog wordt onderdrukt. Deze filosofie is de basis geweest voor de ontwikkeling van zachte lenzen en later de brillenglazen, voor de controle van myopie, of beter gezegd de controle van de aslengte. Van ortho-k is bekend dat er een remming van myopie kan zijn tussen de 30 en 56%1.  Wel blijkt dat dit effect groter is wanneer met ortho-k gestart wordt bij hogere beginsterktes, dit omdat de kleinere applanatiezone ervoor zorgt dat er binnen de pupilzone een meer onregelmatig gebied, dus een groter gebied van defocus, ontstaat2.

Een voorzichtige aanname van ons is dat de SRI-index wellicht een indicator zou kunnen zijn voor de mate en het succes van myopiecontrole. Om dit te onderzoeken zijn wij op dit moment bezig verschillende ortho-k metingen te analyseren. De voorlopige onderzoeken bevestigen in ieder geval een hogere SRI-waarde bij hogere beginrefracties (afbeelding 4).

Ook kijken we in ons onderzoek naar de effecten van zachte contactlenzen die speciaal ontwikkeld zijn om myopie te controleren. Afbeelding 5 laat hiervan een voorbeeld zien; wanneer we met een topograaf de lens op het oog in beeld brengen, zien we eveneens een hogere SRI waarde. De SRI-waarde is zichtbaar hoger dan bij ortho-k, wat zich laat verklaren door het meer abrupte concentrische verloop in het zachte lensontwerp, in tegenstelling tot het ortho-K effect waarbij de centrale applanatiezone vloeiender verloopt. De studies zullen uitwijzen of onze aanname, dat een hogere SRI-waarde een hoger myopie controlerend effect zou kunnen hebben, kloppend blijkt.



Toch mogen we niet vergeten dat we in de praktijk een hogere SRI-waarde in verband brengen met een hogere mate van centrale onregelmatigheid, wat natuurlijk een nadelig effect zou kunnen hebben op de visus en de contrastgevoeligheid. Wanneer de contrastgevoeligheid afneemt door een bepaalde lenskeuze kan de cliënt subjectief een lagere visus ervaren die we niet altijd bevestigd zien wanneer we de visus controleren door de cliënt enkel te laten kijken naar zwarte optotypen op een wit oppervlak.

 

Voor ons blijft het een feit dat dat de corneatopograaf vaak veel meer informatie geeft dan waar we ons bewust van zijn. In de loop der jaren zijn we zoveel meer te weten gekomen over (de periferie van) de corneavorm en het voorspellen van de succeskans en de toepassing van verschillende types lenzen. Hopelijk blijken de uitkomsten van ons onderzoek dadelijk een waardevolle aanvulling op de reeds bestaande kennis, want kennis is nu éénmaal, vinden wij, macht… IG MOOI!
 

Bronvermelding:

1 https://www.angiolucciocchiali.com/wp-content/uploads/2021/01/EN-CL-to-slow-myopia-progression-article.pdf

2 https://contactlensupdate.com/2019/10/29/customizing-orthokeratology-for-myopia-control

Bianca Schut & Arjan de Vecht

Na het behalen van haar diploma aan de contactlensopleiding deed Bianca Schut ervaring op in verschillende contactlenspraktijken. In 2014 is zij als optometrist afgestudeerd aan de Hogeschool te Utrecht. Door haar sterke voorliefde voor het aanpassen van contactlenzen en het plezier dat zij ervaart bij het overbrengen van haar kennis en ervaring is zij jarenlang werkzaam geweest als adviseur bij een contactlensleverancier en bekleedt ze op dit moment de functie van docent optiek en contactlenzen bij het Deltion College te Zwolle. Daarnaast is zij sinds 2018 lid van de commissie contactlenzen van de OVN. Optometrist Arjan de Vecht rondde in 1996 zijn optiek- en contactlensopleiding af aan de Christiaan Huygensschool in Rotterdam. Daarna volgde hij de Optometrie-opleiding aan de Hogeschool Utrecht. Vijftien jaar werkte hij als R&D optometrist en adviseur bij NKL-Menicon waar hij verantwoordelijk was de klinische ontwikkeling en testen van onder meer de nachtlens. Daarna kwam de overstap naar Oculenti in het Universitair Medisch Centrum in Groningen. Sinds een aantal jaren heeft hij zijn eigen contactlenspraktijk met vestigingen in ziekenhuizen. Zijn passie is het aanmeten van bijzondere lenzen als keratoconus, na hoornvliestransplantatie, na laseroperatie, getraumatiseerde ogen en bij baby’s en kinderen. Sinds 2019 is Arjan lid van de commissie contactlenzen van de OVN.

Meer van Bianca Schut & Arjan de Vecht
Opslaan als PDF
Reacties op dit artikel
Bas van Leeuwen / 03 oktober 2022 - 12:47 uur

Heel leerzaam artikel, mijn complimenten en waardering. Bedankt dat jullie je kennis zo delen en daarmee de consument en ons verder helpen. MACHTIG MOOI.

Bas van Leeuwen / 03 oktober 2022 - 12:47 uur

Heel leerzaam artikel, mijn complimenten en waardering. Bedankt dat jullie je kennis zo delen en daarmee de consument en ons verder helpen. MACHTIG MOOI.