Logo Contactlensinside
ContactlensInside - Editie 4/2021

Zichtnificant

Inside topografie


Op doorverwijzing van de oogarts kwam bij mij een mevrouw (35 jaar) met al jarenlang visusklachten. De klachten waren zowel als met bril en contactlenzen aanwezig. Haar eigen opticien had de laatste jaren een toenemende cilinder gemeten en diverse torische zachte lenzen geprobeerd, maar mevrouw bleef wisselende visusklachten houden. Er was een vermoeden van keratoconus. Haar refractie waarde gaf een visus van 0,7 die wat laag is voor haar leeftijd.
Tijdens het oogheelkundig onderzoek zijn er geen afwijkingen gevonden wat de lagere visus kan verklaren. Een verdenking van een keratoconus bleek ongegrond. 
Op de sagitale krommingen map (afbeelding 1) is een cornea cilinder (volgens de regel) te zien. De refractie waarde komt overeen met wat je van de topogram zou kunnen verwachten. De cornea is in de verticale richting steiler, waardoor in die richting meer myopie waarde aanwezig zal zijn, wat resulteert in de refractie cilinder.



De indices display (afbeelding 2) in de topograaf geven geen afwijkende waarden aan. De I-S index is voor een keratoconus screening een handig hulpmiddel. Deze index meet de cornea zowel in de inferior als superior richting op meerdere punten de cornea. Een verschil tussen superior en inferior meer dan 1,5 dpt geeft een indicatie af voor een vermoeden van keratoconus. De waarde van 0,06 dpt. bij dit oog, doet geen keratoconus vermoeden.  De SAI En SRI index zou rood gekleurd zijn, wanneer de mate van asymmetrie groot is. In dit geval niet.




Bij een verdere analyse van de topogram met dpt-waarden (afbeelding 3) valt op dat de dpt-waarde in de steilste richting op 2,5 mm uit het middelpunt nagenoeg gelijk zijn. Opvallend is het grotere verschil in de vlakste meridiaan. Nasaal is de dioptrie waarde 40,3 dpt, terwijl temporaal 42,1 dpt is gemeten. Een verschil van 1,8 dpt.  De pupil diameter fotopisch is 5 mm, waardoor deze waarden binnen het gezichtsveld vallen en visusbepalend zijn.






Dit zou een mogelijk verklaring van de visus klachten kunnen zijn. Een vertaalslag naar correctie-dioptrie waarden (afbeelding 4), betekent dat er in de verticale richting zowel bovenin als onderin S-4.00 dpt nodig is. In de vlakste meridiaan is de waarde dan nasaal verschillend van temporaal. De verwachting die we hadden dat in deze richting S-3,00 nodig te zijn, blijkt dus niet te kloppen. Temporaal is veel meer min-sterkte aanwezig dan nasaal. Dit zou een verklaring van de visusklachten kunnen zijn. Zowel een bril als een torische zachte lens kunnen maar in twee hoofdrichtingen corrigeren en zullen de onregelmatigheden van de cornea niet meepakken. 






Op de hoogtemap (afbeelding 5) in de topograaf is tevens te zien dat er hoogteverschil zit tussen de nasale en temporale zijde. Als deze onregelmatigheid de oorzaak zou zijn van de visusklacht zou een mogelijke oplossing een harde contactlens kunnen zijn.



Ik heb bij deze mevrouw een harde lens aangemeten. Het fascinerende fluo-beeld (afbeelding 6)  geeft precies aan wat we in de hoogte map al hadden gezien, de hoogte verschillen. De traanfilm grafiek geeft duidelijk aan dat in de vlakste richting  aan de temporale zijde de traanfilm tussen de lens en cornea dikker is dan aan de nasale kant. De onregelmatigheden van de cornea worden dus gecorrigeerd, om de voorkant van de lens als een nieuw zuiver rond oppervlakte gaat functioneren. Het blijkt tevens de oorzaak van de klachten geweest te zijn. De visus van mevrouw stijgt van 0,7 naar 1,2 aan beide ogen. Het gebruik van verschillende mappen en schaalinstellingen geeft inzicht in de oogvorm en sterkte.  Indices in de topograaf kan een waardevolle aanvulling zijn, maar eigen analyse blijft noodzakelijk. Bij een onregelmatige cornea geeft een harde lens een zichtnificante hogere visus.

Arjan de Vecht

Optometrist Arjan de Vecht rondde in 1996 zijn optiek- en contactlensopleiding af aan de Christiaan Huygensschool in Rotterdam. Daarna volgde hij de Optometrie-opleiding aan de Hogeschool Utrecht. Vijftien jaar werkte hij als R&D optometrist en adviseur bij NKL-Menicon waar hij verantwoordelijk was de klinische ontwikkeling en testen van onder meer de nachtlens. Daarna kwam de overstap naar Oculenti in het Universitair Medisch Centrum in Groningen. Sinds een aantal jaren heeft hij zijn eigen contactlenspraktijk met vestigingen in ziekenhuizen. Zijn passie is het aanmeten van bijzondere lenzen als keratoconus, na hoornvliestransplantatie, na laseroperatie, getraumatiseerde ogen en bij baby’s en kinderen. Sinds 2019 is Arjan lid van de commissie contactlenzen van de OVN.

Meer van Arjan de Vecht
Opslaan als PDF
Reacties op dit artikel

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.